
Of je nu een beginner bent of een prof Het kennen van de pokertaal is heel belangrijk voor elke pokerspeler. Vaak zal je online spelen of in een echte poker kamer en spelers poker taal horen spreken. Soms zal je het snappen en soms niet. Wij geloven dat als je de gokkers wilt verslaan je hun taal moet kunnen spreken. Hier is een mini woordenboek waar de meest gebruikte pokertermen in voorkomen.
A
Agressief – een speler die veel actie maakt. Iemand die constant raised en reraised.
All-in – Al je chips in de pot zetten.
Ammunitie – Poker chips.
Ante – een blinde inzet die door elke speler moet worden ingezet voor de kaarten worden gedeeld.
B
Blind – In Texas Hold’em, is het een verplichte inzet die een speler moet doen voor hij zijn kaarten krijgt.
Bluff – Een zet die je tegenstander op het verkeerde been zet. Er is een groot gat tussen bluffen en valsspelen
Button – Een positie die de dealer representeerd
Buy in – Een geldbedrag dat een speler moet betalen om mee te doen aan een pokerspel.
C
Call – Een inzet die gelijk is aan de bet van je tegenstander.
Card Sharp – een speler die vals speelt.
Cash in – Chips inwisselen voor echt geld. Iets wat je doet als je stopt met spelen.
Check – In een hand blijven zonder actie te ondernemen.
D
Dood geld – 1. Chips die in de pot worden gestopt door een speler die verplicht moet stoppen. 2. In een toernooi, een speler met kleine odds om te winnen
Deuces wild – Een poker variatie waar tweeën tellen als een joker. Ze kunnen elke rank of kleur aannemen die je nodig hebt.
Donkey - Een slechte poker speler
Drummer – Een speler die bijna geen handen speelt (een “conservatieve” speler)
E
Early positie (vroege positie)– gaat over de eerste drie spelers direct links van de dealer button
EV – Afkorting van Expected Value (verwachte waarde). De term gaat over de berekening van de hoeveelheid geld dat je kan verwachten uit de pot kan winnen.
Exposed Card (Open Kaart) – Een kaart die open wordt gelegd (per ongeluk of expres)
F
Family pot – Een pot waar drie of meer spelers voor strijden. Dit gebeurt veel als het spel vol met “fish” zit.
Fish – Een hele slechte speler
Freeroll Toernooi – Een toernooi waar een speler geen buy in hoeft te betalen.
Friend (vriend) – Een kaart die een spelers hand waarschijnlijk helpt.
G
Garbage (vuilnis) – 1. een slechte hand 2. Kaarten die gefold zijn.
Gravy - Een woord dat over de spelers winst aan tafel gaat.
Greek (Griek) – Een valsspeler
Grinder – Een “semi prof” die poker als baan heeft, maar niet veel geld verdient met spelen. Hij kan beter spelen dan de mid-stake spelers maar op high stakes wint hij nooit.
H
Heads up – Één op één spelen (maar twee spelers aan een tafel)
Hit – Een kaart krijgen die je hand verbeterd
Honor Card – elke kaart van de J tot en met de A
Hustler – Een speler die speelt om van te leven
I
Implied odds – De overeenkomst tussen het geld dat een speler verwacht om te winnen en het geld dat hij in de pot moet zetten wil hij mee blijven doen
Improve (verbeteren) - Een hand sterker maken
In the money (in het geld) – In een toernooi als je een plaats heb bereikt waar je geld wint.
‘I wait’ – Check
J
Jack it – Iemands bet raisen
Jam – De hand maken die je wou maken.
Jesse James – Een pot steler, een bluffer
Joker Wild – Elke poker variatie waar de joker wild is. Een wild kaart is een kaart die een vervanger is voor de kaart die je wilt (elke rang, elke kleur)
K
Kick – Een Raise maken
Kikker – In Texas Hold’em de ongepairde kaart die de winnaar bepaald. Bijvoorbeeld, Stel je voor dat een speler J 10 in zijn hand heeft en de ander heeft 10 9 en het board is 10 A 8 K 2. De eerste speler wint doordat zijn kicker J hoger is dan die van de tweede speler met kicker 9.
KKK – Tthree-of-a-kind Koningen
Kitchen game – Een spel dat thuis georganiseerd is. Meestal met kleine stakes
L
Late position(late positie) – Een term die wordt gebruikt om de drie spellers rechts van de button aan te duiden. Zij mogen het meestal als laatste zeggen in een bet ronde.
Loan shark – Een speler die altijd geld uitleend aan spelers die het hard nodig hebben. Meestal met oneerlijke rente.
Loose speler – Een speler die bijna elke kaarten speelt die hij gedeeld krijgt, afgezien van de waarde.
Low roller – Een speler die alleen lage stakes speelt.
M
Maniak – Een speler die heel agressief speelt afgezien van de waarde van zijn kaarten.
Mechanic – Een vals spelende speler die de kaarten manipuleert
Muck – De kaarten folden (meestal bij een showdown)
Multi-way pot – Een pot waar minstens drie spelers om strijden
N
N/L – afkorting voor No Limit
Nose Picker – De joker
Nursing – heel conservatief spelen met weinig chips
Nuts – In Texas Hold’em een woord voor de sterkste hand die mogelijk is
O
Odds – De waarschijnlijkheid dat iets voorkomt. Bijvoorbeeld, als je 25% kans hebt om de pot te pakken zijn de odds 3:1 tegen je.
On board – In Texas Hold’em een ander woord voor de gemeenschappelijke kaarten (de kaarten die open worden gedeeld voor elke speler om te gebruiken. Tegenovergestelde van Pocket Kaarten).
Op Tilt – Overdreven emotionele reactie tijdens het spelen waardoor een speler de kracht van zijn hand niet meer in acht houd.
Outs – kaarten die een speler een betere pokerhand kunnen geven.
P
Pocket – Een spelers persoonlijke kaarten die niet aan de tegenstander of mede poker speler mogen laten zien worden
Positie – Een spelers plaats aan de tafel in relatie met de dealer button.
Pot – Het geld/chips in het midden van de tafel. Alles spelers proberen de pot te winnen.
Prop speler – Een speler die door “het huis” wordt gehuurd om actie te maken aan een tafel (online en offline).
Q
Quads(carré) – Vier kaarten van dezelfde rang
R
Rake – een bedrag dat betaald moet worden aan “het huis” voor het organiseren van het spel. Bijna altijd een percentage van de pot.
Read – Een conclusie trekken over de kracht van een spelers hand door zijn gedrag aan de tafel.
Reload Bonus – Een bonus die wordt gegeven aan bestaande online poker spelers (in plaats van een eerste storting of welkomst bonus)
Rounder – Een speler die pokert om van te leven. Rounders maken meestal geen gigantische bedragen met pokeren
S
Satellite toernooi – Een online toernooi die een stoel geeft naar een groot live toernooi aan de winnaar.
Shill – Een speler die door “het huis” wordt gehuurd om de actie gaande te houden aan een poker tafel.
Showdown – Het einde van een hand als alle spelers hun hand laten zien of mucken. De winnaar wordt bepaald bij de showdown.
Suited connectors – Twee pocket kaarten die dezelfde kleur en opeenvolgende rang hebben
T
Table cards – Kaarten die open worden gelegd en gebruikt worden door alle spelers
Tell – Een projectie van de kracht van een spelers hand. Bijvoorbeeld als een speler zweethanden heeft kan het betekenen dat hij een zwakke hand heeft en bang is om te verliezen.
Tight – Een speler die weinig handen speelt.
Trick – Een slechte speler. Een donkey
U
Uncalled bet – Een inzet die niet gecalled wordt door een speler. In zo’n geval wint de speler die de bet maakte de pot
Unglued – Op Tilt
Unlimited Rebuy Toernooi – Een poker toernooi waar de structuur het toelaat om zoveel rebuys te maken als ze zelf willen.
UTG – Under The Gun. Een speler gelijk links van de Big Blind
V
Value bet – een bet die ingezet wordt in de hoop dat hij gecalled wordt om de pot te laten groeien
Video Poker – Poker dat gespeeld wordt op een spel machine
W
Weak – Een hand met weinig waarde
Winning hand – De beste hand in een spel. De speler met de Winning hand wint de pot
World Poker Tour – een grote live competitie
World Series of Poker – ’s Werelds grootste live poker kampioenschap
X
-
Y
Yeast – De vorige bet raisen
Z
Zombie – Een speler met een geweldige poker face